Levensbeelden van de heiligen en zaligen


H. Siardus (14 November)

Siardus stamt uit een adellijke Friese familie en studeerde in de abdijschool van Mariëngaarde, waar de heilige Fredericus abt was. Daar vroeg hij in 1175 om het witte habijt van de heilige Norbertus. Na twintig jaar kloosterleven werd hij in 1194 tot abt gekozen. Niets in zijn levenswijze onderscheidde hem van zijn medebroeders. Hij droeg hetzelfde habijt, at aan dezelfde tafel en deelde met hen dezelfde woning. Doordrongen van een buitengewone nederigheid vermeed hij met beslistheid alles, wat niet strikt noodzakelijk was. Als een goede administrator beheerde hij zijn abdij zowel op tijdelijk als op geestelijk gebied. Te Mariëngaarde leefde men volgens de apostolische geest van de Orde. Als hij op reis ging, droeg hij altijd een grote mand met zich mee, gevuld met broden en levensmiddelen, om deze aan de armen uit te delen. Daarom wordt hij gewoonlijk voorgesteld met een korf aan zijn voeten. Hij hield er aan de confraters, die zich op weg moesten begeven, drie zaken op het hart te drukken: een blij vertrek, een vredevol verblijf en een trouwe terugkeer. Voor Martha en Maria uit het Evangelie had hij een speciale vroomheid. Martha trachtte hij na te volgen in de zorg voor zijn medebroeders. Van Maria leerde hij, om in gebed en aandacht te luisteren naar de Heer. Siardus nam samen met zijn medebroeders deel aan de handenarbeid, vooral op het veld. Onder geleide van hun abt zongen de premonstratenzers van Mariëngaarde de psalmen, terwijl ze aan het oogsten waren.
Na 36 jaar abbatiaat beëindigde hij in 1230 zijn aardse loopbaan. Op zijn voorspraak verkregen de gelovigen menige gunst. Na de verwoesting van de abdij Mariëngaarde in 1578 door de calvinisten, konden de reliquieën van de heilige Siardus gered worden. Een edele Fries, Siardus van Helsema, nam ze mee naar Hildesheim. In 1608 werden ze verdeeld en in twee reliekschrijnen geplaatst. Een reliekschrijn werd overgebracht naar de abdij Saint-Feuillin-du Roeulz in Henegouwen. Na de opheffing van deze abdij tijdens de Franse Revolutie werden ze bewaard in de kerk van Strépy. Prelaat Bauwens kon ze in 1938 overbrengen naar de abdij van Leffe. Het andere reliekschrijn kwam in 1617 naar de abdij van Tongerlo. Daar geniet de heilige Siardus tot op onze dagen een grote volksverering. Jaarlijks wordt zijn feest plechtig gevierd. Zijn hoofd, dat te Rome berustte, werd in 2000 overgebracht naar de abdij van Windberg. De cultus van Siardus werd door Paus Benedictus XIII op 22 januari/8 maart 1728 erkend.

God, onze Heer, altijd weer wekt Gij in ons midden mensen op, die ons het Evangelie voorleven. Wij gedenken vandaag met name de heilige Siardus en smeken U, dat wij zijn trouw in het gebed en zijn blijde goedheid mogen navolgen. Door onze Heer Jezus Christus, Uw Zoon, die met U leeft en heerst in de eenheid van de Heilige Geest, God, door de eeuwen der eeuwen. Amen.